
Ontheffing onderdeel van procedure
PolitiekSpijkenisse - De verleende ontheffing van de Wet natuurbescherming voor het windpark Brielse Maasdijk heeft betrekking op de aanvraag van HVC van 16 december 2022, zo laat het college weten op vragen van Nissewaard Lokaal. HVC heeft naast de omgevingsvergunning o.a. ook een aanvraag gedaan voor de ontheffing van de Wet natuurbescherming.
Het aanvragen van deze ontheffingen maakt standaard onderdeel uit van procedures om tot aanleg van windparken te komen. De Provincie Zuid-Holland is bevoegd om hier over te besluiten, ongeacht het besluit over de omgevingsvergunning. De Provincie Zuid-Holland heeft haar bevoegdheid om te besluiten over ontheffingen van de Wet natuurbescherming bij de omgevingsdienst Haaglanden neergelegd. De gemeente Nissewaard heeft hierin geen rol.
Uit de ontheffing volgt dat er een quotum van maximaal 50 vogels (10 per windturbine), van de 102 vogelsoorten, per jaar slachtoffer mogen zijn van een windturbine. Indien blijkt dat er meer slachtoffers zijn dan vooraf ingeschat kan de provincie ingrijpen. Ook moet er dan een verbeterplan worden ingediend en moeten maatregelen worden genomen.
Overigens is het aan het college om het besluit te publiceren, in haar hoedanigheid als coördinerend bestuursorgaan in de procedure rondom de omgevingsvergunning Windpark Brielse Maasdijk. Als gevolg hiervan verzorgen burgemeester en wethouders de kennisgevingen van de met elkaar samenhangende (ontwerp)besluiten. Per abuis heeft de provincie onderhavig besluit gepubliceerd, terwijl zij niet het bevoegde orgaan is. Het college zal onderhavige ontheffing nog moeten publiceren. Met de publicatie door Nissewaard gaat de termijn voor het indienen van een beroepsschrift bij de Afdeling Bestuursrechtspraak van de Raad van State opnieuw te lopen.
Voor windparken van 5 tot 100 MW is de provincie het bevoegd gezag. Op 10 december 2019 hebben het college van Gedeputeerde Staten van provincie Zuid-Holland en het college van Burgemeester en Wethouders van Nissewaard een bestuursovereenkomst gesloten, waarmee de bevoegdheid aan de gemeente is overgedragen. De provincie had de bevoegdheid om het mandaat in te trekken totdat er door het college een besluit werd genomen over de omgevingsvergunning.
De provincie heeft de bevoegdheid niet teruggenomen en het college heeft een besluit genomen over de aangevraagde omgevingsvergunning. Hiermee was het terugnemen van de bevoegdheid geen mogelijkheid meer voor de provincie. Daarmee is de stap naar de Raad van State relevant voor provincie en HVC













