
In de greep van het ‘molenaarsvirus’
Actueel 780 keer gelezenHellevoetsluis – Zonder de vrijwilligers van ‘het Gilde van Vrijwillige Molenaars’ zou Korenmolen De Hoop niet ieder weekend kunnen draaien. De molen in de Vesting trekt op die dagen heel veel bezoekers uit binnen- en buitenland. De jongste vrijwilliger bij het molenaarsgilde is Niels Hoogstad. Al vanaf 2-jarige leeftijd is hij helemaal gefascineerd door alles wat draait en maalt. Met zijn 15 jaar is Niels de jongste molenaar in de regio.
Op zondagochtend is Niels in Korenmolen De Hoop al vroeg bezig. Koffie- en theezetten voor de bezoekers, de zeilen op de wieken spannen, hij is er maar druk mee. Niels heeft ook geen hoogtevrees. Soepel klimt hij naar de top van een molenwiek. Hij verricht zijn taken met de routine van een ervaren molenaar. Dat klopt ook wel want Niels was heel jong toen hij gegrepen werd door het molenaarsvirus. “Ik was twee jaar toen ik voor het eerst met mijn vader deze molen bezocht. Vanaf dat moment ben ik verliefd geworden op het molenaars vak. Ik kreeg van mijn oma een houten molentje op zonne-energie. Dat molentje heb ik nog steeds. Er is zoveel mee gespeeld dat het bijna letterlijk stukgedraaid is. Er gaat geen dag voorbij dat ik niet aan molens denk.”
De liefde voor molens ging zelfs zo ver dat de ouders van Niels op vakanties vaak speciaal een extra afslag moesten nemen om een molen te bezoeken. “Ja”, lacht Niels, “dan zagen we ergens een molen en dan moest ik daar natuurlijk naar toe.”
Op zijn 9e werd Niels jeugdlid van het molenaarsgilde. Voor de opleiding tot molenaar moet je officieel 14 jaar zijn. Dus is Niels in april 2024 officieel gestart met de opleiding. “Toen ik eindelijk met de opleiding mocht beginnen wist ik al heel veel van het reilen en zeilen van de molen.”
Niels doet dit jaar eindexamen aan het Bahûrim college in Brielle. Daar gaat natuurlijk veel tijd in zitten en Niels doet daarom het komende halfjaar even een stapje terug. Na dat halfjaar gaat hij weer keihard aan de bak als molenaar. “Na mijn eindexamen ben ik vijf maanden vrij en ga ik me helemaal richten op het molenaarsexamen. De praktijk heb ik hier op Korenmolen De Hoop geleerd. Dat zit er gewoon ingebrand. Alles zit in mijn hoofd. Hier en daar vergeet ik weleens wat maar kan de beste overkomen”, vertelt hij met een grijns.
Na zijn eindexamen gaat Niels de opleiding Onderwijsassistent volgen. Daar heeft hij veel zin in. Toch blijft het molenaars vak aan hem trekken. “Het allerliefste zou ik natuurlijk molenaar als beroep kiezen. Het nadeel is dat niet veel molens in de omgeving beroepsmatig draaien. Maar als het op mijn pad zou komen, zou ik er zeker voor gaan.”













